Quilten in de naad

Een quilt afmaken

Ik geef er de voorkeur aan om een quilt af te maken met de naaimachine. Het doorquilten is best een zware belasting voor je handen, vooral als de quilt hoofdzakelijk van batikstoffen is gemaakt. Die stof is dicht geweven en intensief geverfd, het kost dan ook kracht om de naald er door te steken.

Eerst worden de achterkant, de vulling en de top (de patchwork voorkant) op elkaar gelegd en vastgespeld. Je kunt ook werken met een lijmspray, maar dat werkt alleen bij kleinere quilts. Vervolgens ga ik met transparant garen precies in de naden quilten. Ik zorg dat wat ik stik steeds goed vlak licht. Ik gebruik hierbij wel de transportfunctie van de naaimachine, zet de steek iets groter dan normaal en neem als ondergaren een gewoon naaigaren. Zo komen de vlakken goed vast te liggen.

Met het transparante garen kan je zo je hele quilt als het ware fixeren. Vervolgens neem ik een kleur om mee te quilten, dat kan een gewoon garen zijn of een iets dikker garen. Pas op: de meeste quiltgarens zijn niet geschikt voor de naaimachine! Ik gebruik ook graag machine-borduurgaren, b.v. Madeira of Poly Sheen van Mettler. Deze draad mag natuurlijk zichtbaar zijn.

Nu kan ik kiezen tussen lijnen quilten met de transportfunctie aan of vrij machinaal quilten. Een combinatie is ook mogelijk. Ik probeer altijd door het quilten de quilt te voorzien van een eigen accent, een eigen karakter. Ook al maak je met meer mensen allemaal hetzelfde patchwork patroon, door het quilten maak je er je eigen quilt van.

Is het quilten klaar, dan moet de quilt nog worden afgebiesd. Ik gebruik daarvoor een stook stof van 4 cm breed die ik aan de voorkant langs de kant vast stik, naar achteren vouw en met een omslagje met de hand vast naai. Tenslotte krijgt de quilt natuurlijk een label met naam en datum.

Één reactie